|
Standen - (stabiliteit,evenwicht
en bewegingscapaciteit) |
1.Heisoku dachi = formele aandachtstand (gebruikt in
kata's)
2.Musubi dachi
= formele aandachtstand,hielen tegen elkaar en tenen uit
elkaar
(gebruikt bij groet)
3.Hachiji dachi (yoi dachi) = voeten onder de
schouders (parallel=Heiko dachi) 4.Teiji dachi (of Renoji dachi)
= rustige ongespannen houding (één voet licht
naar voor)
5.Zenkutsu dachi = voorwaartse stand
6.Kokutsu dachi = rugwaartse stand (verdedigende
stand)
7.Kiba dachi = zijwaartse stand (ijzeren ruiterstand)
8.Shiko dachi = zijwaartse stand (tenen naar buiten
gericht)
9.Sanchin dachi = driehoekstand (vb. Niju shi ho)
10.Hangetsu dachi = vergrote driehoekstand (vb.
Hangetsu)
11.Fudo dachi (of Sochin dachi) = gewortelde stand
(vrije actieve gevechtsstand)
12.Neko ashi dachi = katstand (vb. Unsu)
13.Kosa dachi = gekruiste stand (vb. Heian yondan)
14.Tsuru ashi dachi = kraanvogelstand
(op één been met
andere voet tegen de knie opgetrokken)
15.Ryu te fuse = diepe uitvalstand (vb.na sprong in
Kanku sho)
16.Seiza = geknielde zithouding (aandachtshouding)
|
Tsuki waza - (stoottechnieken) |
1. Seiken choku
tsuki = horizontale vuiststoot ter plaatse
2. Tate tsuki = rechte vuiststoot met gebogen arm
3. Ura tsuki = gedraaide vuiststoot met gebogen arm
4. Oi tsuki = doorstappende vuiststoot (zelfde been ,
zelfde arm)
5. Gyaku tsuki = gekruiste vuiststoot (vb. linkerbeen ,
rechterarm)
6. Kizami tsuki = uitvalstoot
7. Oi komi gyaku tsuki = doorstappende gekruiste stoot
8. Nakada ippon ken tsuki =stoot met één kneukel van een
gebogen vinger (vb.
wijsvinger)
9. Morote tsuki =
dubbele stoot (vertikaal of horizontaal, al dan niet met een
kneukel)
10.Yama tsuki = bergstoot (een vertikale
variante van Morote tsuki)
11.Kagi tsuki = hoekslag (vb. Tekki shodan , Jion)
12.Yoko tsuki = zijwaartse stoot (vb. Kanku sho)
13.Mawashi tsuki = ronde stoot (swing)
14.Nukite Tsuki = stoot met vingertoppen van gestrekte
hand, speerhand (vb.
Heian nidan)
|
Ate waza - (verpletteringstechnieken) |
1.Empi =
elleboogstoot (stijgend,zijwaarts,rond,rugwaarts,afwaarts)
2.Ude ate = voorarmstoot
(opwaarts,binnenwaarts,afwaarts)
3.Tetsui ate = hamervuist (met pinkzijde van de vuist
vb. Heian shodan,Heian
nidan)
4.Hiji ate = kniestoot (vertikaal of schuin opwaarts)
|
Uchi waza - (slagtechnieken) |
{meestal ronde ,
zwaaiende technieken die het effect hebben van een zweepslag
, ze kunnen worden uigevoerd met gesloten (uraken) of open
(shuto , haito) hand}
1.Uraken uchi =
gedraaide vuistslag (zijwaarts, recht, rugwaarts vb.H1,H2,H3)
2.Shuto uchi =
slagtechniek met open hand (pinkzijde vb. Heian yondan) 3.Haito uchi = slagtechniek met open hand (duimzijde,
handpalm naar boven of
naar onder)
4.Tetsui uchi = verpletterende slag met onderkant vd
vuist (zie ook bij 'ate
waza')
|
Geri waza - (beentechnieken , zowel aanval als
verdediging) |
1.Mae geri = voorwaartse trap
(bal v.d.voet (koshi) of wreef v.d.voet (Haisoku)) 2.Ushiro geri = rugwaartse trap
3.Yoko geri = zijwaartse trap (zijkant v.d.voet (Sokuto)
of hiel (Kakato))
4.Mawashi geri = ronde trap (bal (Koshi) of wreef (Haisoku))
5.Ura mawashi geri = omgekeerde ronde trap (hiel of
voetzool)
6.Ushiro ura mawashi geri = draaiende rugwaartse Ura
mawashi geri
*Al deze hogerstaande technieken
kunnen op verschillende manieren worden uitgevoerd:
- Kekomi (strekkend, stekend) - Keage (snappend)
- Tobi (springend)
7.Mikazuki geri = halve maantrap
(vb. Heian godan)
8.Fumikomi geri = trap naar beneden met voetzool of hiel
(vb. Bassai dai) 9.Veegtechnieken (de meest voorkomende zijn):
- Ashi barai = voetveeg
- O soto gari = grote binnenwaartse beenveeg
- Ko uchi gari = Kleine buitenwaartse beenveeg
|
Uke waza - (afweertechnieken) |
-Soto (binnen)
-Uchi (buiten) -Age (opwaarts) -Otoshi (afwaarts)
A. Gesloten
vuist:
1.Jodan age
uke = opwaartse blok
2.Jodan soto ude uke = hoge binnenwaartse blok
3.Jodan uchi (tate) ude uke = hoge buitenwaartse blok
4.Chudan otoshi ude uke = rechte afwaartse blok
5.Chudan soto ude uke = lage binnenwaartse blok
6.Chudan uchi (tate) ude uke = lage buitenwaartse blok
7.Gedan soto barai = diepe binnenwaartse blok
B. Open
hand:
1.Jodan shuto barai = hoge meshand afweer
2.Jodan teisho uke = hoge palmhand afweer
3.Jodan juji uke = hoge kruisblok
4.Chudan osae uke = lage meeglijdende afweer
5.Shuto uke = meshand afweer
6.Tate shuto uke = rechte (staande) meshand afweer
7.Chudan teisho uke = lage palmhand afweer
8.Chudan tekubi uke = lage handpols afweer
9.Gedan shuto barai = diepe meshand afweer
|
Houdingen - Kamae (voorbereidende
gevechtshoudingen) |
1.Shizentai =natuurlijke afwachtingshouding
(ontspannen maar waakzaam,vb.Yoi
dachi,Fudo dachi)
2.Kamae te = klassieke gevechtshouding (vb. in
wedstrijd)
3.Jodan soto kamae =uitnodigende , klaarstaande
afweerhouding (met een
duidelijke bereidheid tot afweer van
buiten naar binnen)
4.Chudan soto kamae = idem als 3 maar op romphoogte
5.Jodan uchi kamae = afweerhouding gericht van binnen
naar buiten
6.Yama kamae = berghouding (2 armen hoog , klaar om
aanval met volle kracht
af te weren vb.Jitte)
Mae = voorwaarts
Ushiro = achter- of rugwaarts
Hidari = links
Migi = rechts
Kesa = diagonaal
Yoko = zijwaarts
Gyaku = tegengesteld
Mawashi = rond (ronddraaiend)
Age = stijgend (rijzend)
Soto = buitenkant
Uchi = binnenkant
Otoshi = neerwaarts (vallend)
|
Verplaatsingen - (strategie van aanval en
verdediging) |
1.Verdiepen = lichaam naar beneden toe drukken om
spankracht te winnen (vb.
Gyaku tsuki)
2.Yori ashi =
schuifpas (eerst voorste/achterste voet verplaatsen,daarna
tweede
voet meeschuiven)
3.Tsugi ashi = bijtrekpas (één voet voor/achter wordt
bijgetrokken,daarna
andere voet in dezelfde richting verderplaatsen)
4.Kai ashi = stap-of doorstappas (voorwaarts , rugwaarts
of schuin voor-en
rugwaarts)
5.Tobi = gesprongen verplaatsing (voor-rug-of zijwaarts)
6.Tai sabaki =wegdraaien
* korte Tai sabaki = wegdraaien op voorste voet (links of rechts
voorstaan)
* lange Tai sabaki = wegdraaien op achterste voet (links of rechts
voorstaan)
* Tai sabaki met okuri ashi = wegdraaien met
hulppas of stap
|
Kumite - (verschillende vormen) |
Al deze vormen van kumite eisen
een grote concentratie van
timing en alertheid
(Zanshin).
1.Uchi komi kumite =oef. per twee of meer waar men
werkt met een passieve
of meegaande partner
2.Ippon kumite =oef. per twee waarbij gewerkt wordt met
één verplaatsing en
waarbij het systeem: aanval-afweer-tegenaanval gehandhaafd wordt
3.Sanbon , gohon kumite = een oef. wordt 3 tot 5 maal
herhaald . Het kan gaan
om dezelfde of om verschillende
oefeningen
4.Jiyu ippon kumite = men werkt per twee : een aanval
wordt aangekondigd ,
maar het moment en de wijze waarop is
voor de verdediger onduidelijk
5.Yaku soku kumite =vrije gevechtssituatie waar geven
/ nemen domineert
(men aanvaardt kontakt en probeert zelf
technieken uit , zonder daarbij
onmiddelijk op de weerstand
v.d.partner te stuiten, hier worden de aanvallen ook
aangekondigd
6.Jiyu kumite = vrij vechten waarbij men zelf zoveel
mogelijk tracht te scoren
zonder echt zelf geraakt te
worden (scoren domineert boven waardering)
7.Enbu = een afgesproken vorm van kumite , waarin
verscheidene kombinaties zo
goed mogelijk door beide
partners worden uitgevoerd (goed verloop met
maximale inzet
van kracht en snelheid)
8.Oyo kumite = gevechtstoepassingen waar men tal van
mogelijkheden heeft qua
aanval en verdediging
9.Kaeshi ippon kumite =
Aanvaller kondigt de zone
van zijn aanval aan (Jodan of
Chudan), wanneer hij echter
een traptechniek plaatst kondigt hij deze eerst aan.
Verdediger weert af en voert op zijn beurt een aanval uit.
De aanvaller weert
deze aanval af en voert een tegenaanval
uit. Na z’n tegenaanval neemt de
verdediger terug afstand,
uit het bereik van de aanvaller.
|
Kata - (kata is een vorm expressie en verbeelding
van een geijkte gevechtssituatie (stijloefening)) |
1.Kata omote = uitvoering van de kata in klassieke vorm
2.Kata ura = klassieke vorm omgekeerd
3.Kata go = rugwaartse uitvoering (voorw. wordt rugw./ter
plaatse blijft
t.pl./rugw. blijft rugw.)
4.Kata kumite = gevechtstoepassingen volgens het verloop
van de kata
5.Kata bunkai = gevechtstoepassingen waarbij het verloop
van de kata niet strikt
gevolgd is
6.Kata oyo kumite
= gevechtstoepassingen waarbij het idee uit de kata komt,
maar waarbij men de kata niet strikt volgt
|